Antonio Castrignano & Taranta sounds – Babilonia

Babilonia
(Ponderosa Music Records CD 152: Xango Music Distribution)

Een Babylonische spraakverwarring staat voor miscommunicatie en onbegrip door taal- en (taal)interpretatie verschillen. Er ontstaat niet zelden verwijdering van elkaar. Antonio Castrignano & Taranta Sounds draaien het echter precies om. Met Babilonia produceerden zij een plaat waarin ogenschijnlijk verschillende culturen in de vorm van muzikale uitingen- en structuren worden samengesmolten tot één geheel. Wereldmuziek in dé ultiem betekenis dus.
Het vertrekpunt voor Castrignano & Taranta is de traditionele muziek uit de Salento, de pizzica, taranta etcetera, met zijn rijke verleden aan mysterie. Maar de formatie gaat een stap verder, door niet oude liederen en dansen te bewerken, maar een geheel nieuw repertoire te componeren en uit te voeren. Authentieke elementen als de stuwende, hypnotiserende percussie door de tamboerijnen, de opzwepende klanken, de gepassioneerde wat schreeuwende vocalen en de mandola’s ontbreken niet. Maar ze voegen daar onder meer accordeon, sax, synthesizer en (soms heftig vervormde) elektrisch gitaar aan toe.
Ook inhoudelijk krijg je geen terugblik of nostalgie, maar een hier en nu met thema’s die actueel zijn en vooral jongeren aanspreken. Zelf zegt Catrignano daarover: “This is not traditional music, music that existed before. This is the music of tomorrow. It speaks to the topics and uncertainties that hound us today, with a lexicon that is purposely aimed at the young.
Maar wees gerust, ook de ouderen vallen voor dit product, mits je enigszins open minded bent. Openingstrack Taranta world blijft nog dicht bij het authentieke, al is een viool en een elektrische gitaar (of toch een mandola?) niet direct standaard. Je wordt al gelijk meegezogen in de gepassioneerde muziek. In Oju speelt die e-gitaar een hoofdrol, maar wordt tevens zeer knap gebruik gemaakt van geluidscreaties. In de titeltrack voor het eerste duidelijke ‘uitheemse’ invloeden: Mediterraans, Noord Afrikaans, Oosters. Masseria Boncuri is een aanklacht tegen de uitbuiting van vluchtelingen die als goedkope landarbeiders in de Salento worden ingezet, met Enzo Avitabile in een vocale gastrol.
Muzikaal drijft het op een ritme uit de sub Sahara. Sona Jobarteh, de enige vrouw die de kora bespeelt, wordt in de kijker gezet met haar vocalen en instrument in Si Picculina, een heerlijk melancholische ballad met West Afrikaanse roots. De titel Tunisia zegt al voldoende. De aanvankelijk lyrische ballad gaat over in een gedreven Noord-Afrikaans ritme met mandola of bouzouki die de rol van de saz overneemt. Hier geen tamboerijnen, maar geraffineerde Berberpercussie en zelfs wat Indiase tabla geluiden.
Met de twee slottracks keren we wederom terug in de Salento met pizzica gerelateerde dansen. In La Papagna speelt de accordeon een centrale rol, terwijl Pizzica Malincuna  de cirkel sluit die met Taranta World werd ingezet. Groots album!