Billy Bragg – Life’s a riot with Spy vs Spy

Enkele jaren had Billy Bragg zijn muzikale werk op een laag pitje staan. Hij schreef een boek over zijn politieke visie, gaf lezingen, maar kwam begin dit jaar terug met een ijzersterke cd. De beste sinds de jaren tachtig volgens sommigen. Het is niet toevallig dat hij hierin toch een beetje teruggaat naar zijn muzikale roots. De slagroom op de taart is dat hij naast de gearrangeerde opnamen een cd heeft toegevoegd met alle nummers in solo-opnamen. Billy en zijn elektrische gitaar, dat is het echte werk. Op Dranouter liet hij zien dat er muzikaal gezien niet veel veranderd is. Hij is wellicht alleen ouder en wijzer geworden. ‘A singer-songwriter can’t change the world, but the audience can.’ In Het Meesterwerk gaan we dit keer dan ook terug naar de eerste plaat die Billy Bragg als solo-artiest maakte, Life’s a riot with spy vs. spy.

Billy Bragg - Life's a riot with spy vs. spy

Er zijn twee dingen die Billy Bragg blijvend hebben beïnvloed en beiden zijn duidelijk aanwezig op de 7 nummers tellende mini-lp die in 1983 het licht zag. Thatcher en punk. Punk gaf hem de muzikale energie om te doen wat hij kon, in de ware do-it-yourself-geest. Thatcher gaf hem het engagement die hem tot op de dag van vandaag in bevlogen, soms prekerige bewoordingen tot zijn publiek doen spreken.

Billy Bragg groeit tijdens de jaren zeventig op in een arbeidersgezin in een randgemeente van Londen. Met zijn iets jongere buurjongetje Wiggy, waarmee hij al speelde zo lang hij zich kan heugen, luistert hij naar de nieuwe muziek. Dat is aanvankelijk vooral glamrock, maar ook Bob Dylan. Wiggy heeft als eerste een gitaar, Billy volgt snel en ze proberen de liedjes die hen bevallen na te spelen. Als de punk losbarst duurt het niet lang voordat de twee hun eigen punkband Riff Raff beginnen. Slecht gaat het niet; ze wonen met de bandleden in een huisje in Noord-Londen, doen zoveel optredens als ze kunnen krijgen en brengen uiteindelijk enkele ep’s en singles uit.

Uiteindelijk valt de band toch uit elkaar in 1981 en Billy gaat na wat rondlummelen het leger in. Naar eigen zeggen omdat hij niet wist wat hij anders moest. De band was het enige dat voor hem telde. Hij weet de basistraining te doorstaan, maar houdt het snel voor gezien. Hij wil graag leren hoe je een tank bestuurt, maar het idee dat hij misschien naar Noord-Ierland gestuurd kan worden is hem te veel. Hij is nu wel vastbeslotener dan ooit dat hij wil optreden. Hij heeft allerlei baantjes om rond te komen. Zoals klusjes bij het audio-visuele bedrijfje dat Wiggy inmiddels met zijn vriendin heeft en een baan in een platenzaakje in Londen.

Begin 1982 schrijft Billy in korte tijd voldoende nummers voor zijn solo-optredens. Uit het repertoire van Riff Raff neemt hij wat songs mee die hier bij passen. Alleen Richard en A New England halen uiteindelijk de eerste lp. Op 6 juni doet hij zijn eerste serieuze optreden in de Londense Rock Garden. Een zaal waar hij met Riff Raff al vaak heeft gespeeld. Zijn echte naam Stephen is vanaf dat moment Billy. Slechts gewapend met een elektrische gitaar bestijgt hij het podium. De drumcomputer die hij op enkele nummers gebruikt verdwijnt snel. Zijn technofiele vriend Wiggy schijnt het apparaat nog steeds in zijn bezit te hebben. De eerste woorden die de pers wijt aan de nieuwe Billy Bragg staan in de demo-recensie’s van NME. De sobere arrangementen van de songs en de geestige, spitsvondige teksten worden erin geprezen. Op dezelfde bladzijde van de demo-sectie in NME staat een recensie van Nux Vomica, die nogal wordt afgekraakt. In werkelijkheid was Nux Vomica een demo met expres slecht opgenomen popsongs, gemaakt door Billy en Wiggy. Het was bedoelt als controlemechanisme, maar de recensent van dienst blijkt een goede en slechte demo te kunnen onderscheiden, waarmee het experiment is geslaagd. Na het succes van deze demo en een reeks optredens groeit het zelfvertrouwen en wordt het tijd om een plaat te gaan uitbrengen.

Eind 1982 heeft hij contact met Utility, een nieuw label van Polygram. Een officieel contract is er niet, wel een brief waarin de mondelinge afspraken worden bevestigd. Er zouden opnamen gemaakt worden voor een mini-lp en Billy dwingt af dat die voor een maximum-prijs van 2.99 pond verkocht zullen worden. De ‘pay no more than..’-melding zou nog jaren op zijn platenhoezen prijken.
Er wordt een studio gehuurd voor drie middagen in februari 1983. Aangezien Billy zijn nummers gewoon live wil inspelen, zonder extra partijen is het technisch allemaal heel eenvoudig. Er hoeven slechts twee sporen gebruikt te worden.

Hij speelt de uitgezochte nummers gewoon verschillende malen, A New England (video) bijvoorbeeld dertien keer. En als het een goede versie is roept Billy naar de technici dat het OK is. Die vinden het allemaal best, herinnert Billy zich, aangezien ze geen flauw idee hebben wat die rare snoeshaan eigenlijk aan het doen is. Achteraf is het alleen nog een kwestie van de juiste takes kiezen. In de maanden die volgen treed hij veel op, ook buiten Londen. Onder andere een serie optredens in Noord-Engeland

 

Op 1 juli verschijnt het debuut dat Billy meteen al het stigma oplevert waar hij destijds erg geïrriteerd door kon raken. De schrijvende media nemen termen als ‘punk-Dylan’ gretig van elkaar over. Voor iemand die zo oprecht geëngageerd is als Billy is de associatie met Dylan niet echt op zijn plek, aangezien Dylan zichzelf vooral profileerde als rock-ster en zich zelden liet zien op politieke manifestaties, een enkele uitzondering daargelaten. Billy Bragg voelt zich veel meer verwant met mensen als Woody Guthrie of Phil Ochs. Zelf omschreef hij zijn muziek in die jaren als de muziek die Phil Ochs gemaakt zou hebben als hij the Clash had zien spelen. Daarom is het des te verwonderlijker dat zijn biograaf Andrew Collins Phil Ochs in zijn boek niet eens noemt, maar regelmatig verwijst naar Dylan.

Alhoewel Bragg al vrij snel echte fans zou krijgen, ook binnen het journalistieke gilde, wordt zijn muziek niet meteen begrepen. Andy Kershaw, zo’n fan van het eerste uur en dj van een lokaal station in Leeds, wist de lp maar net te redden van de ‘afgekeurd’-stapel. Hij werd meteen gegrepen door de eenvoud en de directheid van A New England, het eerste nummer dat hij hoorde. De echte doorbraak komt op het moment dat John Peel de plaat gaat draaien. En zoals Billy eerder een stunt uithaalde door een dubbele demo naar NME te sturen, heeft hij ook hier het lot een handje geholpen. John Peel vertelde op de radio dat hij elke wens zou vervullen van de persoon die hem een ‘Mushroom-Byriani’ zou brengen. Als Billy dit hoort rijdt hij zo vlug hij kan langs een curry-shop, en dan naar de BBC-studio. Als hij de byriani met zijn lp afgeeft, zegt hij dat Peel wat van zijn lp kan draaien. John Peel doet dit, maar zei achteraf dat hij het zonder de biryani ook wel gedraaid zou hebben. Door de steun van John Peel raakt de zaak in een stroomversnelling. Uiteindelijk haalt de plaat de 30e plaats in de lp-charts en volgt er ook een televisieoptreden bij het legendarische pop-programma The Tube. Hierin is Billy te zien met zijn straat-performance, waarin hij gewapend met zijn gitaar, een rugzak met versterker en twee mini-boxjes boven zijn hoofd rondloopt.

Het eerste dat opvalt aan de muziek is de rauwe, scherpe, maar tevens heldere sound. Met een vrij puur geluid, afgezien van wat reverb, wordt een vrij transparante punksound gecreëerd. De stem van Billy is niet overal even vast, maar melodieus is het zeer sterk. Hij laveert tussen de krachtige punksound van Lovers town revisited en de rustigere ballads zoals The man in the iron mask. De sporen van de punk zijn hier nog sterk aanwezig, zoals de snelle ritmische akkoorden in A New England. Maar de brug naar de folk, zoals die later vorm zou krijgen in classics als Between the wars, wordt ook al geslagen via de ambachtelijke songs en de directe teksten.

Hoewel de politieke lading in de meeste liedjes wel voelbaar is, is liefde als thema veel prominenter. In de jaren die zouden komen zou Bragg zich opwerpen als politiek analyticus en aanjager van manifestaties die zich keerden tegen het onrecht van het Thatcherisme. Maar hij waarschuwt meteen: “I’m not looking for a new England, just looking for another girl.”
De ironie druipt er van af, maar hier is al te zien dat hij als geen ander moeilijke politieke thema’s binnen een tekst kan inbedden in veel persoonlijker thema’s als de liefde. Hij zou het truukje later nog vaker herhalen en slechts weinig geëngageerde singer-songwriters kunnen het hem nadoen. De enige recht-toe recht-aan politieke song is het bijtende To Have and to have not. Een typische tekst uit de vroege jaren tachtig waarin Engelse jongeren een gebrek aan toekomstperspectief laten zien. Maar waar de meesten blijven hangen in ‘No Future’-kretologie weet Billy het ook hier veel persoonlijker te maken door de ik-persoon tussen wal en schip van het schoolsysteem en de grote werkloosheid te laten vallen.
“Just because you’re better than me, doesn’t mean I’m lazy.”

Na Life’s a riot with Spy vs. Spy maakt hij eerst het wat mindere Brewing up with Billy Bragg, om vervolgens platen te maken waarop hij zijn nummers steeds verder arrangeert met gastmuzikanten en in de jaren negentig met een vaste band. Het songschrijverstalent dat zijn latere werk zo bijzonder maakt openbaart zich al meteen op zijn debuut, maar de muzikale puurheid maakt het in zekere zin een ongeëvenaard hoogstandje binnen zijn oeuvre.

Internet:
www.billybragg.co.uk

Dit Meesterwerk verscheen in New Folk Sounds 119, okt/nov 2008

Tags: