DANSEEH! De opkomst van het folkbal

Het is een bont tafereel. Een eenvoudige houten dansvloer, stampvol met dansers van alle soorten en maten: nette huisvrouwen op dansschoentjes, hippies in kilt op blote voeten, uw buurman in zijn gemakkelijke kloffie, vleermuisjes in lange zwarte gewaden. Langs de dansvloer staan de muzikanten op een geïmproviseerd podium te spelen op viool, draailier, doedelzak en trekharmonica. Tussen de nummers door worden de dansen aangekondigd: “Bourrée! Schottische! Mazurka!” De sfeer is ongedwongen, en volleerde dansers zwieren moeiteloos tussen stuntelende beginners door.

Ooit moest je voor een zogenaamd bal folk naar de festivals in het Franse Saint Chartier of Gennetines, of, iets dichter bij huis, in het Waalse Blanmont of het Vlaamse Gooik. Tegenwoordig kun je (om maar een greep te doen) ook in Wageningen, Eindhoven, Groningen en Harlingen terecht om een hele avond de bourrée en schottische te dansen. In amper een jaar of drie zijn deze bals in Nederland als paddestoelen uit de grond geschoten, en het bizarre is: er lijkt een hele nieuwe generatie te zijn die dolenthousiast de bals afreist en bereid is drie uur in de trein te zitten voor een avondje dansen op volksmuziek. Wat bezielt die mensen?

Folkbal Foto: Finn Snaterse

Folkbal (foto: Finn Snaterse)

Folkbal en volksdansbal
Op zich wordt er in Nederland al langer op volksmuziek gedanst, en dan vooral bij de volksdansgroepen die zich bijna overal in Nederland bevinden. Het repertoire van deze groepen is breed, met een grote variatie aan dansen, en over het algemeen sterk gedomineerd door dansen uit de Balkan en Israël. Men organiseert cursussen, treedt op voor publiek, en organiseert ook volksdansbals. Heel soms is er live muziek bij de optredens en bals, maar meestal komt de muziek van een cassettebandje of een cd. Tenslotte bestaat er vaak (maar ook niet altijd) een één-op-één-relatie tussen dans en melodie. Omdat het ‘dansen op volksmuziek’ jarenlang door deze groepen is gedomineerd, is dit ook wat het grote publiek zich bij volksdansen voorstelt.

De bals die momenteel opgang maken (meestal folkbal of bal folk genoemd) hebben hier echter weinig mee gemeen: ze lijken wat sfeer en mentaliteit betreft meer op een salsa-avond dan op een volksdansbal. In essentie komt het verschil erop neer dat bij volksdansers de dans centraal staat, terwijl bij de folkbals de muziek belangrijker is. Er komen meer muzikanten op af dan op de volksdansbals, en je zal er eerder opmerkingen horen als: “leuke deun!” en “wat spelen ze lekker!” De dansen komen vooral uit Frankrijk en Bretagne, zoals de schottische, bourrée, en andro, al komt er heel af en toe een Vlaams zot kieken langs, of een Italiaanse tarantella. De muziek is altijd live, en wordt verzorgd door twee of drie aangekondigde groepen, soms aangevuld met een open podium. Door het beperkte repertoire aan dansen en de prominente rol van de muziek worden dezelfde dansen op een keur aan melodieën gedanst. Het belangrijkste verschil zit hem echter in de sfeer en het publiek. Er komen opvallend veel jongeren van begin twintig op af, en dit heeft het effect de sfeer wilder en opzwepender is, maar soms ook gewoon lomper dan de sfeer op de volksdansbals.

Pasjesneukers!
Volksdansers en folkbalgangers mengen dan ook moeizaam. Volksdansers vinden een folkbal vaak saai (altijd maar weer dezelfde dansen!), en sommige volksdansers lijken bang te zijn dat de jeugd straks alleen nog maar bourrées wil dansen en de kalamatianos, de pravo horo en de boanopstekker links laat liggen. Aan de andere kant willen veel folkbalgangers gewoon lekker spelen en dansen, en hebben ze helemaal geen zin om die ingewikkelde pasjes uit één of andere Sovjetsatelliet te leren. De term ‘pasjesneukers’ is wat dat betreft al eens gevallen, en iemand die beide bals regelmatig bezoekt vertelde me: “Op een folkbal mis ik de variatie van de volksdansbals, maar op een volksdansbal mis ik de sfeer, het opzwepende van de folkbals. Op het folkbal in Wageningen realiseerde ik me op een gegeven moment dat ik al een kwartier lang de All American Promenade (op folkbals bekend als de jig, RG) aan het dansen was – en ik vond het gewoon leuk!”

Pasjesneukers? (foto: Finn Snaterse)

Wat beide groepen echter met elkaar gemeen hebben is een zekere moeite met de term volksdansen. Sommige volksdansgroepen zijn de term ‘folkloristisch dansen’ gaan gebruiken, of  ‘internationaal dansen’, om de associatie met klompendansen en klederdrachten te vermijden. De folkbals worden vanwege hun oriëntatie op Franse traditionele muziek soms aangekondigd met de Franse termen ‘bal folk’ of ‘bal populaire’. In Groningen hebben ze de term ‘spansen’ verzonnen: een samentrekking van ‘spelen’ en ‘dansen’, en op zich niet eens zo’n vreemde term gezien het belang van live muziek op deze bals. In Deventer probeert men het nog met ‘DANSEEH!’ maar het lijkt erop dat de term ‘folkbal’ het in Nederland gaat winnen.

The French connection
Het moge duidelijk zijn dat de folkbals uit Frankrijk en België zijn overgewaaid, met Saint Chartier en Gooik als grote voorbeelden. Het festival in Saint Chartier werd voor het eerst georganiseerd in 1976, toen de folk revival in Europa op zijn hoogtepunt was. Terwijl in Nederland de folkscene na een aantal jaren weer inzakte, zijn de Franse en Vlaamse scenes in leven gebleven. In Vlaanderen was dit mede te danken aan Herman Dewit, de voorman van ‘t Kliekske, die in Gooik muziek- en danscursussen organiseerde waarmee hij veel jongeren wist aan te spreken. In de jaren negentig begonnen deze activiteiten langzaamaan vruchten af te werpen, en nu is er een groot aantal jonge folkgroepen die een eigentijdse draai weten te geven aan de Vlaamse traditionele muziek. Hierbij moet ook Wim Claeys genoemd worden, trekharmonicaspeler in Ambrozijn, Gezellig Onderuit Zonder Elektriek en Tref. Het maandelijkse Boombal dat hij ooit in Gent begon, heeft nu in verscheidene dorpen en steden in Vlaanderen navolging gekregen.

Een aantal Nederlandse bals, onder andere dat in Groningen, is ontstaan nadat bezoekers aan de festivals in Saint Chartier en Gooik besloten ook bals in eigen land te organiseren. Daarnaast hebben optredens van Franse en Vlaamse groepen het balvirus in Nederland verspreid. Het maandelijkse folkbal in Eindhoven is bijvoorbeeld ontstaan nadat bij de optredens van AedO en Follia! tijdens Folkwoods in 2003 massaal werd gedanst en Tinus Kanters, de organisator van Folkwoods, besloot dat zoiets maar vaker moest gebeuren. Maar ook de Stichting Draailier en Doedelzak mag niet worden vergeten. Zij organiseert al vanaf de jaren tachtig cursusweekends voor het bespelen van bourdoninstrumenten waarbij het repertoire vooral uit Franse traditionele muziek bestaat. Op deze cursusweekends wordt ook veel gedanst, en men geeft tegenwoordig ook danscursussen.

Folkbal

Opvallend gemengd (foto: Finn Saterse)

Groepen
Welke groepen spelen er zoal op de Nederlandse folkbals? Soms worden Vlaamse groepen geboekt als AedO, Balbrozijn (een balversie van…), Follia! en Madingma. Steeds vaker wordt de muziek echter verzorgd door één van de vele Nederlandse ensembles die overal de kop opsteken. Daar zitten groepen en personen bij uit de scene rond de Stichting Draailier en Doedelzak, zoals Musac, Chardon, Marius Lutgerink en Willem Schot, die vooral Frans repertoire spelen, al speelt Willem Schot ook eigen composities. Andere groepen, zoals Madlot, Schraapstaal, BRU en Met Zak En As, combineren het Franse repertoire met ‘folkbalfähige’ melodieën uit oude Nederlandse verzamelingen, zoals de Hollantsche Schouwburgh en het vioolboek van Wieger Michiels Visser. Lirio, dat een interpretatie aan Franse, Vlaamse en Nederlandse muziek geeft die sterk is geïnspireerd door de nieuwe Vlaamse groepen, is tot nu toe de enige Nederlandse balgroep die tot België heeft weten door te dringen. Ze hebben al enkele malen op het Boombal gespeeld en spelen dit jaar bal op het folkfestival in Dranouter. Deze lijst is waarschijnlijk verre van volledig. Er ontstaan nog steeds nieuwe groepen en er zijn ook mensen lokaal actief.

Ook wordt er volop in de toekomst geïnvesteerd. De folkbalscene is al opvallend gemengd, zowel wat betreft het type bezoeker als wat betreft de leeftijden, maar er zitten ook muziekdocenten tussen die hun leerlingen enthousiast weten te maken voor de folkbals. De jongste muzikant tot nu toe was acht jaar oud! Zo wordt ook de volgende generatie klaargestoomd, en lijkt het Nederlandse folkbal bezig aan een onstuitbare opmars.

Websites:

www.balfolk.nl,
www.folketshus.dk/,
www.madlot.nl,
http://members.chello.nl/g.vanderwoude1/
www.lirio.nl,
www.boombal.be
,
www.saintchartier.org,
www.gooikoorts.be