Dave Rawlings Machine – Nashville Obsolete

Dave Rawlings Machine

Nashville Obsolete
(Acony Records ACNY-1512)

Het tweede album van Dave Rawlings Machine klinkt beduidend anders dan voorganger A friend of a friend. Nashville Obsolete is een heel stuk serieuzer, en in vele opzichten ook spannender.
Het duo David Rawlings en Gillian Welch komt niet zo vaak met nieuw studiomateriaal naar buiten, maar als er iets verschijnt dan is het meteen ook raak. Bij Dave Rawlings Machine is het Rawlings die op de voorgrond treedt, al zijn alle songs in co-schrijverschap met Welch tot stand gekomen. Nashville Obsolete bestaat met een ruime speelduur uit enkel zeven songs die doorgaans lang van karakter zijn. Rawlings is niet alleen de leadzanger, ook zijn archtop gitaarwerk komt duidelijk aan bod in interessante geïmproviseerde solo’s zoals alleen Rawlings ze kan spelen en fraseren. Dit album is een omslag in de sound die we van het duo gewend zijn. Met één been staan ze duidelijk in de Amerikaanse muziek van eind jaren zestig, begin jaren zeventig, maar anderzijds is er de authentieke sound van de country uit de begindagen toen deze stroming nog heel puur was. Rawlings en Welch weten in de songteksten met weinig woorden heel veel te zeggen, en zoals Welch zelf zegt zit alles wat er over de songs te vertellen valt al in de songteksten.
Het album opent met het slepende The Weekend, waarvoor Rawlings een strijkarrangement heeft geschreven dat door het lied gevlochten soms naar de keel van de luisteraar grijpt. Dat gebeurt zeker in de tweede song die mijns inziens ook het sterkste is van het album, Short haired woman blues genaamd.  In het maar liefst elf minuten durende The Trip klinkt de vertellende Rawlings regelmatig als de jonge Bob Dylan. Ook hier weer mooie solerende momenten met de archtop gitaar en het fiddlespel van Brittany Haas. Bodysnatchers is een vreemde eend in de bijt, maar na een aantal luisterbeurten wordt het wel een lekkere song. The Last Pharaoh kent een heerlijke groove en klinkt als een klassieker in dit genre. Let daarbij vooral op de drive van contrabassist Paul Kowart (onder andere Punch Brothers). Candy is tekstueel gezien de minste song van het album, al zijn hier ook weer rijke solerende momenten van Haas en Rawlings. Pilgrim daarentegen laat Rawlings op de mandoline horen, en is een absoluut sterke afsluiter. Jordan Tice vervult een gastrol op de mandoline in The Trip, en ex-Old Crow Medicine Show gitarist Willie Watson is op diverse tracks aanwezig met een extra stem en gitaar. Nashville Obsolete moet het niet hebben van pittige tempo’s maar vooral van lekker voortkabbelende en gedragen songs.
Het album is hier inmiddels al grijsgedraaid, voor zover dat kan met de cd-versie. Was A friend of a friend een aangename kennismaking met Rawlings als frontman, Nashville Obsolete smaakt echt naar veel meer!