De Rokkende Vrouwen – zonder titel

De Rokkende Vrouwen 
(eigen beheer, rokkendevrouwen@gmail.com)

Pas vrij recent uit de kas getreden verrassen De Rokkende Vrouwen, een duo bestaande uit Hilde Van Belle (piano, klokkenspel en zang) en Lore Vancauwenberghe (viool en zang) ons met een eerste album. Samen doken zij onder in het rijke erfgoed van oude Vlaamse en Nederlandse liederen, om deze met onbegrensd respect voor het ‘origineel’, te herinterpreteren vanuit een eigentijds standpunt.
Hun instrumentarium blijkt zich hier overigens goed toe te lenen. Een negental nummers, waaronder een aantal echte klassiekers sieren deze presentatie, wat leidt tot een nog grotere uitdaging om ze terug te doen schitteren.
Eerst duiken ze in het Haerlems Oudt Liedt-boeck (1725) waar ze de ballade Koningskinderen uit opvisten, waarin vooral het rockende, Scandinavisch geïnspireerd vioolspel uitdrukkelijk voor een nieuwe insteek zorgt. De piano introduceert vervolgens met flitsende ritmiek die andere evergreen De vier weverkens in (Gentse variant uit 1889) een uptempoversie ten gehore brengt, waarrond de twee zangstemmen een vrijgevochten spinsel weven. Terug verder in de tijd vinden ze in het Brugse Gruuthusehandschrift (ca. 1400) het tragisch, met schrijnende vioolhalen, geïntroduceerde Egidiuslied. De traagheid en plaats biedend aan elke noot nodigt uit een mazurka uit de voeten te laten glijden.
Heel fris zijn hun instrumentale interpretaties van het gekende (Vivaldi’s) bourrée des grandes Poteries, de qua arrangement origineel variërende tovercirkel Feestcirkel, inclusief enkele pianorifjes en vioolpizzicato’s en de afsluitende Hanterdro voor Merelbrandt, uitdeinend in zacht klokkenspel.
Het Antwerps Liedboek (15e eeuw) levert hen naast het immer innemende mei- en liefdesliederen Schoon Lief en het al even trieste In ’t zoetste van de meie aan. In dit laatste nummer, waarin ze in eerste instantie de melodie uitgebreid uitrollen, verkozen ze de luisteraar de tragische afloop te besparen en zich uitsluitend te richten op de verleidingsscene. Hilde, die geruime tijd in Zweden verbleef, schreef met Zweden (2018) een loepzuivere evocatie van wat dit land voor haar is gaan betekenen. En zo ontmoet het nieuwe, het oude lied.
Deze dames leggen behoorlijk wat creativiteit aan de dag in hun restauratiewerken.