Fiolministeriet – Et nyt liv

Et nyt liv
(GO’Danish Folk Music, Xango Music Distribution, GO0520)

Afgaande op de hoes van het tweede album van dit Deense trio, dat negen jaar terug debuteerde met een eersteling, mogen we ervan uitgaan dat Ditte Fromseier (viool, bratsch en zang) ook aardig met de tractor overweg kan. Bij de zaak richten we onze aandacht blijvend op dit Vioolministerie, dat samengesteld is uit een stevig kabinet waar Kirstine Elise Pedersen (cello en koorzang) en Kirstine Sand (viool en koorzang) eveneens deel van uitmaken. Door henzelf gecomponeerde muziek moet de verbinding maken tussen oude traditionele melodieën en vooral ook liederen.
Vooral het vocale element vormt voor Ditte een nieuwe uitdaging en in het liefdeslied (op tekst van Tove Ditlevsen’) Så tag mit hjerte blijkt dit meteen een goeie beslissing te zijn. Daarnaast zoeken ze invloeden uit andere tradities een rol te laten spelen. Zo is er meteen de Baltische strijkerstoets in haar wervelende opener Riga balsam, dat een heel creatief staartje krijgt, of gaan ze de Amerikaanse toer op met twee melodieën die ze leerden van de legendarische Ruthie Dornfeld, waarin de jonge, heel beloftevolle gast Mathæus Bech op contrabas een extra groove komt leggen.
Sand schreef ook enkele nummers, waaronder het ijzige Nordland, waarin zich kille dialogen ontwikkelen tussen violen en donkere cello. Een schril contrast met haar speelse Hot summer, waarin de violen zich dansend verweven, een sfeer die ook terugkeert in Ditte’s Svensk Sommer. Het nerveuze titelnummer, waarin Sigurd Hockings (Ditte’s levensgezel) zijn gitaar van de partij laat zijn, reflecterend over hoe het leven plots een wending neemt, is van de hand Pedersen.
Vanuit hun ‘natuurlijke’ benadering, in combinatie met hun gedegen klassieke scholing, benutten ze ten volle de kracht die uit de strijkers te halen valt, weven ze schitterende filegraanpatronen vanuit boeiende harmonieën en intense ritmes aanwenden. Bruidsmarsen hoeven niet eentonig te worden, getuige Fromseiers Guris brudemarch. Het a capella ingezette Sorgen (‘Rouw’), waarbij de contrabas zacht aanleunt tegen haar kristallijne stem en zeker ook Pedersen’s Floating heads waarin het trio bratsch, viool en cello een adembenemend klankentapijt te voorschijn tovert, zijn een herbeluistering meer dan waard. Als afsluiter zette Ditte het gedicht Flyv fugl flyv van  Christian Winthers op muziek, waarbij de weemoed het voortouw neemt.