Fjand, Spaelimenninir

Fjand
Svend Bjerg, en vestjysk spillemand
(Tütl SHD 3CD)

Spaelimenninir
Malargrot
(Tütl SHD66)

Ze zaten aan zijn keukentafel in Fjand: Hans Ole Larsen (viool), Jan Danielsson (viool), Kristian Blak (piano) en Steen Klausen (accordeon) als begeleiders van Svend Bjerg. Boer van professie, maar gekend als amateurmuzikant die menig Deens volksfeestje opluisterde. Violist Bjerg luisterde goed naar oude speelmannen, een traditie die hij voortzette. Later zocht hij ook in boeken en manuscripten en nog later plukte hij tunes van geluidsdragers.
In die keuken in Fjand, waar hij jaren woonde en waarnaar deze (gelegenheids)groep werd vernoemd, nam het vijftal zestien melodieën uit de verzameling van Bjerg op. De opnamen, die vijftig jaar later niet meer voldoen aan de hoge kwaliteitseisen die we nu stellen, hebben het karakter van een veldopname: ruimtelijk, wat vlak en weinig diepte. Maar de speelvreugde en spontaniteit spat er wel van af.
De interpretatie is wat je traditioneel kunt noemen. Weinig verrassende arrangementen, de melodie op de voorgrond en de begeleiding strikt ingehouden, noodzakelijk. De dansen zijn afwisselend. Meestal vrolijke deunen: hornpipes, walsen, polkas, een schottische, maar af en toe toch ook een tearjerker als Livets glaeder, waarin de viool van Bjerg aardig melancholiek klinkt. In Hornfiffen hoor je een gesprek na de tune wat het veldwerkkarakter illustreert, terwijl in Den Wärmstöken letterlijk een dijenkletser aanwezig is.
Humor is van de partij in de Pizzicatopolka. En is Skuld gammel venskran rejn forgo niet letterlijk de Deense versie van Auld Lang Syne? Een West-Jutlandse speleman luidt de ondertitel van deze cd. En daar is geen woord verkeerd aan.

 

Dat speelman komt tevens voor in de naam van een zestal muzikanten uit diverse landen. Spaeleminninir herbergt twee Denen, een Zweed, twee Amerikanen en inwoner van de Faeröer. Dat laatste gebied is wat al de muzikanten aan elkaar linkt, hetzij door de huidige woonplaats of een uitgebreid verblijf in het eilandenrijk. We kwamen al eerder de naam van Kristian Blak en Jan Danielsson tegen. Spaeleminninir vormen ze met de Zweedse violist Erling Olsen, de Faeröerse gitarist/mandolinespeler Ivar Baerentsen en de Amerikanen Sharon Weiss (blokfluiten) en bassist Charlie Pilzer.
Hun aanpak is moderner qua arrangementen en zou je als ‘revival folk’ kunnen bestempelen. Ze worden krachtig, swingend of juist nederig uitgevoerd. Sporadisch wordt er gezongen, maar het merendeel is instrumentaal.
De melodieën zijn afkomstig uit de brede waaier van de Scandinavische landen met wederom polka’s, walsen, een mars, maar zelfs een tweetal jigs. De traditionals worden aangevuld met eigen composities van Baerentsen en Blak. Met name diens pianoballads maken indruk. Ze zijn sfeervol, melodisch, vloeiend en ingetogen. Vooral het op een Hebridenmelodie gebaseerde Eilean is een wonderschone melodie. Malargrot is de laatste cd uit een serie van zes goed beluisterbare cd’s.

 

Nummers uit deze cd’s zijn te beluisteren in de uitzending van Nordic Sounds op De Concertzender. De derde cd van de Letse groep Saucejas werd eerder in New Folk Sounds besproken.