Funi – Flúr

flur

Flúr
(Green Man Productions GMCD007)

Björk en Sigur Rós hebben IJsland met eigentijdse, hedendaagse muziek op de muzikale kaart gezet. Maar traditionele muziek, of eigentijdse folk uit het vulkaneneiland moet je met een vergrootglas, haast een telescoop zoeken. Slechts een handjevol muzikanten houdt zich daarmee bezig. Absoluut kopstuk daarin in Bara Grimsdottir. De volksmuziek werd haar met de paplepel ingegoten en nog steeds is ze gepassioneerd bezig om haar eigen muzikale erfgoed uit te dragen.

Dat doet ze tegenwoordig samen met partner Chris Foster. Deze Brit is geen kleine jongen. In begin jaren zeventig van de voorgaande eeuw behoorde hij al tot het rijtje prominenten van de Britse zanger/folkgitaristen naast Martin Carthy, Nic Jones en Martin Simpson. Zijn fabuleuze gitaarspel is ook nu één van de pijlers in de begeleiding van het duo Funi. Enkele jaren geleden brachten ze al een (debuut-)cd uit die simpelweg Funi (vuur) getiteld was. Zowel muzikaal als qua productie (geluidstechnisch en vormgeving van het schitterende digipak, inclusief uitgebreid boekwerkje) behoorde het tot de hoogtepunten in dat jaar.

Flúr, dat zowel decoratie als bloemlezing betekent, is opnieuw een visueel, informatief en muzikaal meesterwerk. De liederen zijn geselecteerd uit de grote verzameling in het archief van het Árni Magnússon Institute. Van een deel is de auteur bekend, of de dichter. Daarnaast voegden Grimsdottir en Foster zelf teksten en melodieën toe, of bewerkten ze oude gedichten. Dit geheel in de traditie van de IJslandse volksmuziek, waar teksten en melodieën niet strikt aan elkaar gekoppeld waren. Elke zanger zong een tekst op een melodie die bij het metrum paste en omgekeerd. Vandaar dat er vele varianten van liederen te vinden zijn. Anderzijds zijn er de hymnen. Velen daarvan waren oorspronkelijk (semi-)religieuze liederen die in de koude, lange nachten in de huizen van de families werden gezongen, maar gaandeweg hun devote karakter verloren en werden gezongen omdat ze gewoon mooi waren. Veel van de overgeleverde liederen werden traditioneel onbegeleid gezongen. Op Flúr zijn daarvan een aantal voorbeelden te vinden. Doch het merendeel wordt wel begeleid. Op deze manier evolueert Funi de volksmuziek.

Naast Foster’s gitaar worden instrumenten gebruikt die standaard niet of nauwelijks in IJsland werden gespeeld, zoals de kantele en hammered dulcimer. Op enkele tracks van Flúr spelen gastmusici op saxofoon, contrabas en klarinet. Ook hiermee wijkt Funi dus af van het strikt traditionele concept. Echter, ze voegt ook lang verloren elementen – terug – in. Op het debuutalbum Funi hoorden we al de IJslandse fiola en de langspil. Die eerste is op Flúr niet aanwezig, de tweede uitgebreid. Het instrument lijkt op een vlier, maar wordt gestreken, met een stick geslagen en met de duim over de snaren bespeeld. Beide instrumenten werden opnieuw gebouwd naar oude afbeeldingen. Over de originele speelwijze is nauwelijks iets bekend en zowel het herintroduceren en het bespelen zelf is de derde innovatieve bijdrage van Funi aan de IJslandse volksmuziek.

De meeste liederen zijn slow ballads. Verwacht van IJslanders geen heupwiegers en kontenzwaaiers! Wel fraaie, haast serene liederen met mystieke klanken. Ze doen wat gedragen aan. Je wordt echter meegezogen in de betoverende sfeer die het duo schept. Luisterend naar de muziek kun je je een voorstelling maken van het desolate, verlaten eiland en haar natuurpracht. Toch zit er venijn in de songs. Ze worden krachtig en overtuigend gezongen door de klassiek geschoolde alt Grimsdottir. Er zijn tevens liederen die fel of huiveringwekkend klinken, zoals het slotlied Gott ar oss gefi. 

c5386b_3e9014cd24b32d367572cf2826ebdf3a_jpg_srz_445_295_75_22_0_50_1_20_0Er zijn nogal wat overeenkomsten met de Nederlandse situatie betreffende de volksmuziek: een flinke verzameling van oud opgetekend werk (Meertens instituut – Árni Magnússon Institute), maar nauwelijks (jonge) muzikanten die oog/oor hebben voor al dat fraais. Ook in IJsland zwicht men liever voor Amerikaans gerelateerde importmuziek. Funi verdient derhalve waardering voor haar werk: een revival van het haast verloren gegane IJslandse muzikale erfgoed. En laat de muziek dan ook nog gewoon mooi zijn…..

Lees ook over Funi in New Folk Sounds 109 (2007).