Gé Reinders – Solo

Gé Reinders

Solo
(Fennek FN-CD-41)

Liefst drie schijven telt de nieuwe cd-box van Gé Reinders, twee lange en een korte. De eerste, Plat, is een echte Gé-cd. Tussen het luie Lang langsame daag en het wat statige Laot ós drinke komen nog tien heerlijke liedjes voorbij waarin de zanger uit Roermond zijn persoonlijke kijk op de dingen geeft. Hij verstaat daarbij de kunst om meer Limburgs in zijn liedjes te stoppen dan er eigenlijk in de muziek past, want Reinders is een zingende verteller. Zijn visies zijn nooit wereldschokkend, maar de ervaringen en inzichten stemmen vaak tot nadenken. Af en toe zijn de beschouwingen humoristisch en met enige zelfspot, zoals Waem had oojts gedach?, een liedje over zijn golfbaan-beleving. In het breekbare Bambi geeft hij zich echt bloot. De kleine verhaaltjes kleedt hij aan met heerlijke melodieën, door hemzelf geproduceerd op de vleugel, accordeon, mondharmonica en diverse snaarinstrumenten. Suzan Seegers schreef Det sjone óngersjied. Gé zingt het samen met haar, meedrijvend op de fraaie stem van de (musical)zangeres.

De liedjes op de tweede schijf Toni waren eigenlijk bedoeld voor Toni Willé. Reinders bewondert de zangeres van Pussycat al jaren. Maar door verschillende omstandigheden kwam ze er niet toe het creatieve werk van Reinders uit te voeren. Dus doet hij het nu zelf maar. De Engelstalige liedjes lijken inderdaad geknipt voor Willé maar passen toch minder bij Reinders.

En dan is er nog een korte, bonus-cd met drie tracks. Twee uitvoeringen van Volg dien hert en een tweede versie van Waat duit Brinsley Schwarz noe? Dat lied staat ook op Plat maar Brinsley Schwarz (de band waar Reinders ooit aan verslingerd was) is teruggevonden. Dus speelt die hier mee in een nog pittiger versie.

Vijfentwintig  liedjes bevat de cd-box, maar de eerste schijf van de digitale drie-eenheid springt er duidelijk uit.