Gerd Constapel & Herbert Bartmann – Stoom

Stoom
(Ruusmusik RM 191124)

De meerdere keren gelauwerde Gerd Constapel (1938) schrijft zijn gedichten in het Oost-Fries. De aanpak van de multi-instrumentalist Herbert Bartmann (1958) is in voortdurende ontwikkeling, waarbij soms bijzondere tekstuele en muzikale vondsten opduiken. Op hun gezamenlijke cd draagt Constapel gedichtencycli voor. Bartmann weeft daar muzikale versieringen doorheen.

Veel Nederlanders zullen de  Oost-Friese teksten redelijk kunnen volgen. Voor de moeilijke woorden is een woordenlijst Nederduits-Hoogduits/Engels aan het tekstboekje toegevoegd.

In het eerste deel (Portrett van en Polder bi Sömmerdag) wordt al duidelijk dat de dichter volledig van deze tijd is als hij beelden van de polder en hun bewoners schildert. Zijn observerend oog en heldere stem zijn het gereedschap. De begeleiding van de muzikant is in dit deel vooral gericht op klanken.

In de cyclus Stoom schildert de poëet de dynamiek van het landschap. De klanken ontwikkelen zich steeds meer tot melodieën. In Sweem krijgt de muzikant zelfs ruimte voor zich alleen.

In het laatste deel (Midsömmeravend) tekent Constapel het samenspel van de bewoners met hun omgeving. Bartmann accentueert dat met indringende klanken en luchtige melodieën en in An en Spegel spiegelt hij de geciteerde poëzie vocaal.

De samenwerking tussen de dichter en de muzikant is een ware en aangename symbiose.