Hossain Alizadeh, Utrecht 2006

Rasa Utrecht, 12 Februari 2006

Het was al weer een tijdje geleden dat Hossain Alizadeh in Nederland optrad. Dat Iraanse klassieke muziek toch een zaal als Rasa kan uitverkopen, bleek tijdens het concert dat de tar-speler gisteren gaf.

In de Iraanse klassieke muziek zijn er eigenlijk drie namen die er echt toedoen: Kayhan Kalhor, Madjid Khaladj en Hossain Alizadeh. De twee laatstgenoemde betraden gisteren het Utrechtse podium. Alizadeh bespeelt de tar en de sehtar, twee typisch Iraanse snaarinstrumenten. Voor de pauze speelde hij de sehtar, een instrument dat ook veel in de Iraanse volksmuziek wordt bespeeld. De kracht van Alizadeh is dat hij in zijn manier van improviseren ook gebruik maakt van technieken uit die volkstraditie. Hierdoor heeft hij de strikte uitvoering van de dastgah, een modus vergelijkbaar met de Indiase raga, in zijn carrière behoorlijk vernieuwd. Hij heeft van de moeilijk beluisterbare Iraanse muziekpraktijk, een meer toegankelijke podiumkunst gemaakt. Na de pauze bespeelt hij de tar, en persoonlijk kwam dat gedeelte op mij sterker over. Waarschijnlijk niet eens zozeer door het spel van Alizadeh, maar vooral omdat het instrument een minder zachte klank heeft. De zeer subtiele dynamiek van Alizadeh’s spel komt daardoor beter uit de verf op een concertpodium.
Tijdens zijn concert wordt hij begeleid door Madjid Khaladj, de bekendste percussionist van Iran. Het is jammer dat deze daf- en tombak-speler inderdaad niet meer is dan een begeleider. Het past misschien niet in de strenge opvatting van de dastgah-uitvoering, maar het zou zo mooi zijn als er ook binnen een stuk ruimte gecreëerd zou worden voor een percussie-solo. Die vernieuwing heeft in India in de afgelopen 40 jaar ook plaatsgevonden en als er in Iran twee mensen zijn die dit op een goede manier kunnen introduceren, dan zijn het Hossain Alizadeh en Madjid Khaladj wel.
Desondanks was het een indrukwekkend concert en de Iraanse klassieke muziek verdiend dan ook meer aandacht dan het nu krijgt.

datum: 12 februari 2006