Krajina Ró – Hotel Blázen

Hotel blázen
(Indies Scope, Xango Music Distribution, 2664556)

Ooit was er de legendarische  Tsjechische band Jablkoň. De oprichter en bandleider ervan, Michal Němec (zang, gitaar), ging nadat enkele dramatische gebeurtenissen de oorspronkelijke bezetting deden uiteenvallen, nog een tijdje door met het ‘merk’, in folky projecten als  Malá lesní Jablkoň en Půljablkoň.
Samen met zijn partner in crime uit het Jabkloň-tijdperk, de Johnny Judl Jr. (elektrische bas en bassynthesizer) verenigde hij nog drie andere, jongere kompanen met een conservatoriumopleiding rond zich voor een nieuw avontuur, Krajina Ró, dat gelukkig nog heel herkenbaar blijft voor liefhebbers van de enigmatische undergroundband van weleer, niet in het minst omdat Michal, met zijn schurende, vaak met Tom Waits vergeleken, stem nog steeds de frontstem vormt, zij het hier speelse interacties en samenzang met stemkunstenares  Anna Břenková. Ook componist en gitaartalent met heel veel affiniteit voor de huidige bluesgeneratie, en frontman van The Bladderstones, Tomáš Frolík, drukte van bij het begin sterk zijn stempel op het nieuwe concept. Michael Nosek, die eveneens deel uitmaakt van voornoemde bluesband, tenslotte werd aangetrokken als drummer, en zo gingen ze in de zomer van 2019 aan de slag voor hun debuutalbum Hotel blázen (‘Gestoord hotel’).
Elf originele nummers werden het, die net als de meeste teksten door de bandleden zelf geschreven werden. Geen akoestische trip wordt het, en hoewel de elektrische gitaren er soms vol tegenaan gaan, overheerst de subtiliteit ervan, niet in het minst in de effecten, de melodische ideeën en de innovatieve riffs, die ondersteund worden door een strak ritme vanuit bas en drums.
De kleurrijke en dynamisch heel kneedbare stemmen van Michal en Anna vormen hier een heerlijke dimensie aan toe, soms verhalend, dan weer scanderend. De teksten van hun nummers, in het booklet van dit album ook vertaald in het Engels, hebben doorgaans wel ergens een hoekje af, zijn soms hilarisch of avant-gardistisch, maar onthullen stuk voor stuk betekenisvolle verhalen, meestal toch.
In Milý Jiří bijvoorbeeld wensen ze George van zijn 20 tot zijn 205 een gelukkige verjaardag. Hun titelsong ‘Gestoord hotel’ bezingt dan ook niet toevallig die plaats waar je van alle pijn verlost wordt. En welk heerlijk liefdeslied schuilt er niet achter Drahokam (‘Edelsteen’). Confronterend is wel de blik geworpen in de spiegel (op vrijdag), Zrcadlo is dan ook best wel pittig te noemen.
Er is ook tijd om wat zalig te doezelen, op Veselá mokrá planeta (‘Heerlijke natte planeet’) bijvoorbeeld en met de samenzang in Ječmen a pšenice (‘Gerst en tarwe’)  of Děravá hodina (‘Gat in een uur’) vinden we ons terug in het oude, zo heerlijke recept. De groep kiest er ook voor een aantal nummers in het Engels ten gehore te brengen, waaronder Here I am (‘Eet me als je wilt, met mayonaise of mosterd…’) of het doordenkertje Fly my may, beiden met een hoog lounge gehalte. Een punkmoment treffen we in het ietwat morbide Broccoli. “Ik wil weg van mijn moeder, ze maakte broccoli, wat me ziek maakt, ze wil me doden…”
Maar met de afsluiter Jenom informace (‘Enkel informatie’) is het echt weer echt thuiskomen in een melancholisch eindduet.