La Bottine Souriante

Een niet te missen ‘glimlach’

Het was al veertien jaar geleden dat we deze opgewekte groep uit de Canadese provincie Québec voor het eerst aan het werk zagen op het festival te Dranouter. Dit jaar waren ze er opnieuw, met veel andere muzikanten, maar met dezelfde aanstekelijke muziek. Net voor het concert hadden we met de nieuwe frontman, Benoît Bourque, een gesprek.

Foto: Manu Veracx en La Bottine Souriante

Sinds 1976…
Ik haalde herinneringen op aan het verrassende concert in 1996. De taal, de zang en het accordeonspel van de toenmalige frontman, Yves Lambert, waren in mijn geheugen blijven hangen.

“Lambert heeft de groep verlaten in 2003,” zegt Bourque, “net als Michel Bordeleau die ook zanger was en gitaar, viool, mandoline en kleine trom speelde, om de voetenpercussie, toch zo belangrijk in onze muziek, niet te vergeten. (n.v.d.r.: die voetenpercussie wordt in Québec ook ‘podorythmie’ genoemd) De groep heeft al heel wat wijzigingen ondergaan sinds zijn oprichting in 1976,” gaat hij verder. “Niemand van de oorspronkelijke groep speelt er nog bij. Maar door al die wijzigingen heen is La Bottine Souriante (verder schrijven we LBS) de toonaangevende groep gebleven die hij in Québec al altijd geweest is. Weet je, de folkscène in Québec is relatief klein en de muzikanten ontmoeten elkaar bij optredens. Zo kennen we iedereen en ontstaan er nieuwe banden. Michel Bordeleau zingt nu in de a-capella groep Les Charbonniers de l’Enfer. Toen die groep eens samen geprogrammeerd stond met onze grote chansonnier Gilles Vigneault (zie NfS 93) ontstond er een samenwerking waaruit in 2007 de cd La sacrée rencontre is voortgekomen waarop ze, samen met Vigneault, een aantal van zijn nummers zingen. Een andere oudgediende die LBS verliet in 1989, André Marchand, zingt ook bij de Charbonniers. Yves Lambert had al een soloproject gespeeld en stichtte na 2003 een eigen begeleidingsgroep, Le Bébert Orchestra. Ikzelf speel en dans al twintig jaar traditionele muziek, op accordeon en met voetenpercussie. Ik speelde bij Matapat en sinds de oprichting van de groep tot in 2007 bij Le Vent du Nord (zie NfS 107). Twee jaar geleden kwam ik bij LBS. Aanvankelijk speelden ze uitsluitend op echt traditionele instrumenten: viool, accordeon, harmonica, gitaar. Op een dag ontmoetten ze trombonist Robert Ellis en ook Jean Fréchette die ondermeer tenorsax speelt. Dat bracht een grote verandering mee in de sound van de groep. Die vernieuwing is vooral te horen vanaf de cd Je Voudrais Changer D’Chapeau uit 1990. Régent Archambault speelde contrabas en Denis Fréchette piano, bugel en trompet. Dat gaf een nieuwe dimensie aan onze traditionele muziek. Je kan zeggen dat Denis de muziek Cubaans gekruid heeft. En jazzinvloeden zijn sindsdien ook duidelijk aanwezig. Maar in die twee jaar dat ik bij LBS speel merk ik wel dat, ondanks die verschillende invloeden, de basis van de traditionele muziek uit Québec overeind gebleven is: die swing, die snelheid, de manier waarop gespeeld wordt. Je mag zeker zeggen dat veel jonge groepen in Québec zich door LBS laten inspireren.”

Typisch Québec
Bij muziek uit Québec zijn de percussie, vooral met de voeten, en de ‘turlute’ – een snel gezongen opeenvolging van klanken, zoals La Bolduc, een zangeres uit het interbellum, bijzonder goed beoefende – zeer kenmerkend, merk ik op.

“Het is vooral de manier waarop wij dat doen die typisch Québecois is,” zegt Bourque. “Op de bals-musette in Centraal-Frankrijk worden de voeten ook gebruikt bij het spelen en zingen met klanknabootsingen gebeurt ook in veel verschillende culturen, maar de manier waarop wij het doen, ons ritme, is inderdaad zeer herkenbaar. Wij spelen zowat de helft instrumentale nummers en de helft liederen. Maar ook in landen die onze taal niet verstaan wordt onze zang erg geapprecieerd. Zo spelen we bijna elk jaar in Spanje en het Verenigd Koninkrijk.”

Op mijn vraag hoe het komt dat we hier te lande zolang niets meer hoorden van LBS, dat zelfs de jongste cd uit 2003 hier niet te vinden was, heeft Bourque een antwoord.

“Toen Lambert en Bourdeleau de groep verlieten was er ook een belangrijke administratieve verandering. De zaakwaarneming van de groep wijzigde ook en dat is vrij faliekant afgelopen. Dan heeft onze trompettist, Jocelyn Lapointe, de administratie in handen genomen, maar alles moest weer van vooraf aan opgebouwd worden. Sinds kort hebben we ook weer een agente voor Europa. Dat belooft wat voor de toekomst en voor de nieuwe cd die we tegen het einde van het jaar zullen uitbrengen. Het is al van 2003 geleden dat LBS nog een nieuwe cd uitbracht. Dat komt doordat onze relatie met de platenfirma, die verbonden was met de zaakwaarnemer, ook wat vertroebeld raakte. Maar nu zullen onze muziek we uitbrengen bij Boréalis, een uitgever die nu bijna vijftien jaar bestaat en die zich toelegt op muziek uit Québec. Ook de groepen waar ik vroeger bij speelde brengen uit bij Boréalis. Het verdeelnet van Boréalis in Europa wordt alsmaar uitgebreider. De nieuwe cd zal dus hier ook wel te koop zijn.”

Het repertoire
Hoe ze hun repertoire uitkiezen, wilde ik weten.

“Daar we met tien muzikanten zijn en nog drie technici die ons overal vergezellen, wat nogal veel is, hebben we een kern die de keuze van de nummers doet. Met drie zoeken we in het traditionele repertoire naar mooie pareltjes die niet erg bekend gebleven zijn. Die drie dat zijn David Boulanger, de violist, Eric Beaudry, gitarist en zanger, en ikzelf. Dat trio noemen de anderen ‘les trads’, de traditionelen. Wij kennen de traditionele wortels. Het repertoire dat we aanbrengen bewerken we dan met Pierre Belisle, de pianist en met François Marion, de bassist. We werken samen de eerste arrangementen uit. Het resultaat gaat dan naar onze muzikale leider Jean Fréchette. Dan worden ook de kopers geïntegreerd. Het repertoire is dus echt traditioneel, wat niet belet dat we af een toe een tekst of een stuk melodie toevoegen van onszelf. Het nummer Pêle-mêle bijvoorbeeld is een traditioneel nummer waar we een eigen tekst op gezet hebben. Onze belangrijkste originaliteit ligt enerzijds in het feit dat we gaan zoeken in het ‘vergeten’ repertoire en anderzijds in de verschillende achtergronden van onze muzikanten. Onze pianist heeft een achtergrond van Cubaanse muziek en speelt ook trompet. Hij heeft ook tal van rockzangers uit Québec begeleid. Onze bassist is dan weer en echte jazzman. Die koperblazers zijn ook typisch voor LBS. Ikzelf heb nooit anders dan traditioneel gespeeld en gedanst, dat wat ik ook bij LBS doe. Een belangrijk persoon is onze danseres, Sandy Silva. Zij komt uit Amerika, maar werkt al vele jaren bij ons en is een echte Québecoise geworden. Sinds 2003 is ze een vast lid van LBS, vroeger werkte ze sporadisch mee. Alle anderen zijn Québecois van oorsprong.”

Bourque moest dringend gaan soundchecken. Een klein uur later kon ik genieten van een spetterend recital. Danseres Sandy Silva maakte wel het grootste verschil met het optreden van LBS in 1996. Een meerwaarde bij wat toen al heel veel was. Hopelijk duurt het nu niet opnieuw veertien jaar voor La Bottine Souriante weer in onze contreien te zien en te horen zal zijn.

www.bottinesouriante.com
contact voor Europa: Katia Jeanblanc
GSM : 00.33.6 75 23 33 48
katia.jeanblanc@wanadoo.fr