Le Bour-Bodros – Chadenn

Chadenn
(Paker Prod 020 / Xango)

De debuutschijf van het duo Le Bour-Bodros was in feite een album van een kwartet. Chadenn wordt gepresenteerd als een duo-product. Toch worden Timothée Le Bour (saxen en zang) en Youenn Bodros (diatonisch accordeon en zang) prima ondersteund door percussionist Gaëtan Samson en zangeres Rozenn Talec.
Al in de openingstiteltrack etaleren de twee hun waarde. Noord-Afrikaanse percussie gaat gepaard met een repeterend, donker en onheilspellend klinkend gezongen refrein, dat me doet denken aan Zuid-Afrikaanse strijdkreten of iets van dien aard. Daarbovenop zingt Talec met haar karakteristieke Bretonse vocalen een krachtig lied. Zo, die komt binnen, dat noem ik nu efficiëntie.
Maar Le Bour en Bodron excelleren ook zonder. Al in de tweede track laten ze horen hoe powersax en accordeondrive tot aantrekkelijke muziek leidt. Toegegeven, de later toegevoegde percussie van Samson is bescheidener dan in de openingstrack, maar daarom niet van minder waarde. En ook op de volgende tracks pompt en sleurt Bodros aan zijn trekzak en tovert daar spectaculaire riffs en soli uit, of krachtige staccato riffs. Le Bour gooit daar zijn net zo virtuoze blaasklanken overheen, ook in begeleidende zin.
De voortreffelijkheid uit zich niet alleen in de instrumentbeheersing, maar evenzo in het arrangeren van de voornamelijk eigen composities. Het tweetal weet hoe een tune op te bouwen, speelt met spanning en dynamiek, zorgt ondanks de beperking van twee instrumenten voor voldoende afwisseling en brengt sfeer aan en in de songs.
Rozenn Talec draaft nog één keer op in de ietwat duistere ballade Iwan Gamus. Een fraai voorbeeld van arrangeertechniek: aanvankelijk a capella voegen Le Bour, Bodros en Samson van slecht enkele tonen tot uiteindelijk een orgie aan klanken toe. In mindere mate vindt dat ook plaats in Victoria #1, Elouanig. En zo ontwikkelt de Bretonse folk zich nog altijd voort….