Les Violons De Bruxelles – Les Violons De Bruxelles

Les Violons De Bruxelles

Les violons de Bruxelles
(www.homerecords.be)

Les Violons De Bruxelles maakt een statement door de muziek van Django Reinhardt te ontdoen van de gypsy-gitaren. De conservatieve kijk op de Gypsy-swing wordt doorbroken, want in plaats van die gitaren is Les Violons De Bruxelles vooral een strijkorkest, met één gitaar, contrabas, twee violen en een altviool. De viool – en met name de altviool – is een instrument dat qua klank en mogelijkheden heel dicht in de buurt van de menselijke zang komt. Dat geeft meteen een heel ander cachet aan de muziek van Reinhardt. We worden teruggebracht naar de nachtclub in Montparnasse, waar in 1934 Reinhardt voor het eerst samenspeelde met meester swing-violist Stéphane Grapelli. Daar werd de basis gelegd voor Quintette du Hot Club de France. De sfeer van een dancehall of nachtclub sluit nauw aan bij datgene Les Violons De Bruxelles laat horen op deze eersteling. Virtuositeit ten top, en ook een enorm gevoel voor arrangementen en uitvoering zijn nauwlettend en hoogstaand vastgelegd.
Les Violons Des Bruxelles speelt vol overtuiging, en met een enorme bevlogenheid. De romantische zangerige klanken van de gestreken snaren worden regelmatig door hartstochtelijke passionele uitspattingen geaccentueerd. In de arrangementen is veel ruimte voor de altviool, evenals voor de gitaar en contrabas, al hebben de twee violen wel de solerende touwtjes in handen. Naast gearrangeerde werken van Reinhardt, passeren even zoveel composities van violist Tcha Limberger, die overigens ook zijn zangstem laat horen en bijzonder goed met zijn stem een trompet kan evenaren. Het enige afwijkende werk is Sacara Inimamea, een Roemeens Transsylvaanse traditional, inclusief de gestreken contrabas en contraviool begeleiding die juist zo typerende is voor de rootsmuziek uit Transsylvanië. Limberger en de zijnen vertolken hier een sterk staaltje, waar ongetwijfeld heel wat uren oefening en zweet aan vooraf gegaan zijn. Het resultaat mag er helemaal zijn, want hier wordt overduidelijk bewezen dat het erfgoed van Reinhardt eveneens in goede handen kan zijn bij een virtuoos strijkorkest. Chapeau!