Marlene Bakker – Zingen in dialect opent deuren

Marlene Bakker (foto: kamfoor.nl)

Hoewel de zangeres en lerares Engels niet in het dialect is opgegroeid, hoopt ze dat meer mensen in streektaal gaan zingen. “Ik denk dat best wat mensen dat zouden willen, maar niet durven omdat dialect een negatief stempel heeft. Dialect zou heel oubollig zijn. Maar het is met moderne muziek. Fris, vind ik zelf. Als je de Westerse media moet geloven dan vinden ze dat raar. Dat is zo zonde want het is toch een stuk van je identiteit. Ik kan er best wel van balen dat ze daar in het Westen zo denigrerend over doen.”

Marlene Bakker (Niezijl, 1984) verhuisde op haar tiende naar Smeerling in Westerwolde. “Ik ben Nederlandstalig opgegroeid. We kregen het Gronings wel mee. Alleen hebben we het nooit gesproken thuis. Vreemd eigenlijk dat er niet echt Gronings werd gesproken. Ik heb het er met mijn ouders wel over gehad. Wat ze ons wilden meegeven. Toen werd het allemaal wel wat duidelijker.”

foto: Joop van den Bremen

Na de middelbare school vertrok ze naar de Rockacademie in Tilburg om muziekmanagement en songwriting te studeren. “Ik was net achttien en nog aan het ontdekken wat ik wilde. Ik zat een beetje met mezelf in de knoop in die tijd. Je werd gepusht om er over na te denken welke kant je op wilde: songwriter of in een band of met geluid. Sommige mensen waren daar wel aan toe. Maar ik was nog heel erg zoekende. Dat is logisch als je zo jong bent. Het was voor mij best wel frustrerend dat ik het niet wist, maar wel het gevoel had dat ik muziek moest maken. Dat heeft nog wel een tijdje geduurd voordat ik daar echt voor ging.”

“Pas na de Rockacademie zijn de kwartjes gaan vallen. Ik dacht: ‘ik ben eenentwintig. Ik heb nou een diploma, maar ik wil eigenlijk nog wat leren.’ Engels heb ik altijd interessant gevonden en ik schreef de songteksten natuurlijk in het Engels. Ik ben een beetje blijven plakken in Tilburg en Engels gaan studeren daar. Dat was wel een schot in de roos.”

Al vroeg zong Marlene in het bandje Motormouth. Ze schreef daarvoor de Engelstalige liedjes. Wat later zette ze de eerste schreden in de Groningstalige muziek met liedjes van Ede Staal in een eigen programma, Ode aan Ede. “Dat Gronings zat altijd wel een beetje in mijn achterhoofd. Daar wilde ik wel wat mee doen en beginnen met covers is dan makkelijk. Maar ondertussen ben ik zelf ook een beetje gaan schrijven. Op die manier ben ik begonnen met zingen in het Gronings. Dat was een experiment: Ik probeer het gewoon. Kijken hoe het gaat. Kijken hoe mensen reageren. Als het goed voelt, ga ik ermee door en als ze negatief zijn dan haak ik af. Gelukkig waren de reacties heel positief. Het opende eigenlijk veel deuren. Ik dacht dat het heel moeilijk zou zijn, maar achteraf bleek dat er echt wel veel interesse in het dialect was. Dat vond ik zo positief dat ik ermee door ben gegaan.”

“Sommige liedjes heb ik helemaal opnieuw geschreven, gewoon ontstaan in het Gronings. Maar ik had er ook die half af waren in het Nederlands of in het Engels. Die leenden zich er ook wel goed voor om een Groningse tekst te hebben. Onbewust heb ik best veel Gronings verwerkt in mijn muziek. Ergens lag die basis er al. Ik moest er alleen nog achter komen. Het is natuurlijk heel bijzonder om te merken dat mijn liedjes beter werden als ik ze in het Gronings ging zingen. Het ging ergens over.”

De cd Raif liet even op zich wachten. “Het kost gewoon veel tijd als je het goed wilt doen. Een groepje mensen bij elkaar vinden, dat kost al tijd en heel veel geld. Ik had het gelukkig een beetje gespreid en dat was ook echt nodig. Het heeft heel veel geld gekost. Maar ik heb van geen enkele Euro spijt want als je iets goeds wilt maken dan moet je dat gewoon ophoesten.”

“Het was een bijzonder mooi proces waarin ik een hele mooie band bij elkaar heb weten te vinden.” Haar vaste gitarist Bernard Gepken heeft een groot netwerk van muzikanten. “Hij kwam met Arjen de Bock, die vond het leuk om te doen. Hij kende Reyer Zwart dat is de bassist die ook de strijkersarrangementen heeft geschreven. Nicky Hustinx kenden we allebei. Ik uit de tijd dat ik op de Rockacademie heb gezeten. Hij kende hem ook van verschillende bandjes. Een geweldig goede drummer en die had er ook tijd voor. Dus op die manier hadden we al snel een band bij elkaar.”

De liedteksten op de debuut-cd zijn bijna allemaal autobiografisch. De elf liedjes kennen stuk voor stuk bijzondere melodieën. “Ik ben gek op zangmelodieën. Dus ik zal nooit expres op zoek gaan naar heel moeilijke melodieën. Maar wel leuke, niet zo voor de hand liggend en zo dat het toegankelijk blijft.”

 

 

Marlene Bakker: Raif  (cd en lp, eigen uitgave: www.marlenebakker)