Phillip Henry & Hannah Martin – Mynd

Scannen0002

Mynd
(Dragonfly Roots DRCD001)

Phillip Henry & Hannah Martin vormen een duo dat twee tot drie jaar geleden mee hobbelde in de overkill aan Britse folkduo’s. Tot ze begin dit decennium werden ‘ontdekt’ door Steve Knightley (Show of hands) tijdens een straat/kroegoptreden bij het Sidmouth folkfestival. Daarna ging het snel… Ze speelden als voorprogramma in de tour van Show of Hands en ook in de Royal Albert Hall concerten (onder meer met Richard Shindell). Ik zag ze voor het eerst in 2011 op Sidmouth en benoemde hen tot hoogtepunt van het festival (https://www.newfolksounds.nl/sidmouth-folkweek/festivals/festival-verslag/2011). Winter 2013 toerden ze voor het eerst in de lage landen en velen raakten onder de indruk. Het repertoire bestond toen grotendeels uit nummers van hun toen enige cd Singing the bones. De concertgangers werden echter ook getrakteerd op enkele songs in pre-bewerking van het recente album Mind. Henry & Martin zijn niet zomaar het zoveelste Britse folkduo. Ja, ze putten uit de rijke Angelsaksische traditie en pikken hier en daar een Keltisch lied of melodie mee. Henry studeerde Indiase klassieke muziek en brengt daaruit vooral het atmosferische en het improviseren mee. Daarnaast zijn er sterke invloeden uit de Noord-Amerikaanse folk. Deels door geïnspireerde liederen, maar niet in de laatste plaats door een van de hoofdinstrumenten van multi-instrumentalist Henry: de dobro. Zonder discussie is Henry dé autoriteit op dit instrument in Groot-Brittannië. Je hoort wel waar hij de inspiratie vandaan heeft (Jerry Douglas). Een ander prominente geluidsvoortbrenger is de mondharmonica. Henry heeft zich een eigenzinnige techniek aangeleerd waarbij hij tegelijkertijd kan blazen, zuigen, zingen en als human beatbox kan fungeren. Met één instrument zorgt Henry voor een geluid als ware het een compleet orkest. De instrumentale inbreng van Hannah Martin is niet minder belangrijk, maar subtieler en transparanter. Haar (alt)vioolspel is veelal ondersteunend in plaats van op de voorgrond tredend. De fijnzinnige manier van haar banjospel is wel leidend in een aantal uitstekende songs. En daar ligt gelijk een andere, niet te vermijden kwaliteit van Martin. Ze pent prima songs, onderhoudend, vaak ietwat mystiek, maar aan de andere kant sterk beschouwend en observerend. Niet altijd persoonlijk, maar haar visie sijpelt wel door in haar tekstuitingen. Schitterend voorbeeld is het lied over astronomiepionier Caroline Herschel. Zowel tekst als qua melodie pakkend en imponerend. Nog zo’n beklijvende song is opener Silbury Hill. De songs van Martin handelen vaak over kleine helden (vergelijk Andy Irvine!) die nooit de geschiedenisboeken halen, maar wel als grootheden uit het dagelijks leven bestempeld mogen worden. Herschel is zo’n voorbeeld, in afsluiter Silver box komt ene Anna Charlier aan bod in een verhaal dat veel wegheeft van het beroemde epos rond Lord Franklin. Miss Willmott’s ghost is een derde kleine helden verhaal. De componiste weet in poëtische, redelijk eenvoudige bewoordingen de kern te raken, gevoelens en gedachten die bij of in de situaties naar voren komen uitstekend te verwoorden. Twee gekende Britse traditionals – Whitsun dance en The banks of the Nile – krijgen intrigerende, spannende bewerkingen mee en doen niet onder voor de meer gekende versies. Mijn persoonlijke favoriet blijft toch The nailmaker’s strike. Het is een dubbelsong waarbij het oorspronkelijke lied uit Roy Palmers verzameling Poverty Knock wordt verweven met een moderne versie van The declaration of rights. Beiden protestsongs en gebracht in een verrassend reggaeritme, voorafgegaan door een instrumentale bewerking. Evenzeer verrassend is de prachtige uitvoering van James Taylor’s Close your eyes, hier als bonustrack gepresenteerd, maar gewoon track 13 uit de cd. Wat Mind nog meer tot een overweldigend album maakt is de volstrekte eenheid. Het is niet zomaar een dozijn plus één song, maar een hecht geheel. Qua sfeer, sound, opbouw, afwisseling, dynamiek. Het luistert als een feuilleton: je kan de delen op zich nemen zonder verlies aan kwaliteit, maar het totaalplaatje heeft een toegevoegde waarde. Het zuigt je als het ware in het onderwerp. Neem als extraatje ook nog de puike lay-out en inhoud van de cd verpakking met fraaie illustraties en de eindconclusie is eenvoudig: er moet veel gebeuren om dit album nog van de troon te stoten als ‘best of 2013’.