Soig Siberil – Habask

Habask
(Coop BReizh CD 1119)

Soig Siberil is een van mijn favoriete gitaristen. De Breton is een technisch vernuft, maar weet ook zoveel emotie en spanning in zijn spel en composities te leggen. Hij is de grootmeester van de gitaristen in de Keltische muziek die spelen in open stemmingen.
De ene keer zijn zijn uitvoeringen meeslepend, dan weer opzwepend, maar immer met gevoel. Habask (vrij vertaald vredelievend) doet vermoeden dat het een introvert album is. Gedeeltelijk klopt dat, maar opener  Le Mascaret zet je al gelijk op het andere been. Wat aanvankelijk begint als een mooie traditionele air, maar gaandeweg neemt dynamiek en instrumentatie toe. Zodra Siberil zijn kenmerkende ‘tappings’ inzet, volgt producer en medemuzikant (gitaar) Patrice Marzin met riffs van de elektrische gitaar en neemt een vlotte solo voor zijn rekening.
Net wakker geworden volgt dan wel zo’n heerlijk introvert moment met Dylan Fowler’s The peaceful journey. Ook van Ian Melrose, die andere collega uit het nieuwe trio Celtic Guitar Journeys volgt later een compositie, Prince Charlie/Seagull and the seal. Fraai is het overdub werk waarin Siberil eenvoudige akkoorden afwisselt met simpel ritmisch percussiewerk op de snaren. Overdubs worden vaker ingezet. Secuur, de klank wordt voller zonder te gaan overheersen.
Met de toepassing van technische studiotrucjes (phasing, harmonizing) zet het echter af en toe tegen het randje aan. Of hoor ik de gitarist gewoon liever ‘naakt en droog?’ De Breton wisselt eigen composities dus af met werkstukken van anderen alsmede Bretonse, Ierse en Schotse traditionals.
Frappant is een bewerking van Joni Mitchell’s Both sides now, gekoppeld aan de traditionele reel Spindle shanks, een prima combinatie waarbij de tapping techniek en de gracenotes om je oren vliegen.
Weer een prima schijf van deze Bretonse gitaargigant. Enig minpuntje is de soms erg scherpe klank van de gitaar. Ik prefereer een helder, maar wel warm geluid. Daar had opnametechnisch best iets aan gesleuteld mogen worden.