Svavar Knutur – Brot

knutur brot

Brot
(Nordic Notes NN 069)

Vrij snel na de tussen-Ep Songs of Weltschmerz, Waldeinsamkeit and Wanderlust komt de IJslandse bard Svavar Knutur met een volwaardige cd. Tien songs afwisselend gezongen in het IJslands en Engels, uiteraard van eigen hand. In de persbijlage wordt de muziek van Knutur omschreven als ‘a world of joyful sadness’. Ik lap meestal die pers kretologie aan mijn laars, maar in dit geval kan ik het niet beter omschrijven. Inderdaad, de songs van Knutur herbergen een zekere mate van melancholie, maar zijn tevens opbeurend.
In tegenstelling tot de meeste albums van de IJslandse troubadour is dit album rijk geïllustreerd. De akoestische gitaar of ukulele van Knutur is steeds leidend, maar de verpakking erom is uitgebreid(er) en afwisselend(er). De titelsong Brot (Breuk) ontaardt in een haast new wave song, inclusief stevige elektrische gitaar. Totaal tegengesteld is The curtain, een super romantische song, wat nog wordt versterkt door een uitgebreid strijkensemble. De schitterende vocalen door gastzangeres Marketa Irglova kunnen niet onvermeld blijven.
Misschien wel de meest aansprekende song is Girl from Vancouver. In feite een niemendalletje, een doorsnee liefdesliefje, maar de melodie is zo aanstekelijk en meeslepend. Je gaat het gelijk al bij de eerste beluistering spontaan meezingen. Hitpotentie dus… Astarsaga ur fjöllunum is zo’n kenmerkende Knuturcompositie. Langzame ballad, met veel nagalm, ingetogen begeleid op akoestisch gitaar en hier fraai tweestemmig gezongen met Kristjana Stefansdottir. Nog naakter is Batur Bidur. Alleen de bard en zijn instrument in een hymne. Wanderlust refereert dan weer aan het werk van Woody Guthrie, inclusief een wederom niet te negeren refrein.
En zo zijn al de liedjes van Knutur kleine pareltjes, elk een eigen vermelding waardig. Toch zit voor mij de climax echt helemaal aan het eind. Slow dance is de ultieme song van Brot. Beginnend als een trage ballad met slechts gitaar en zang evolueert dit nummer naar een trage rocksong a la REM. Pakweg halverwege draait het nummer voluit. Knutur keert terug naar de eenvoud en zingt op een bepaald moment haast fluisterend als overgang naar de schitterende slothymne. In ongeveer drie minuten wordt in dit refrein naar een grandioze finale toegewerkt. Een groots werkstuk op een schitterende cd.