Thijs Delrue – Brel, de Belg

Brel, de Belg
(Borgerhoff & Lamberigts ISBN 9789089318886)

In oktober 2018 was het 40 jaar geleden dat Jacques Brel overleed in een ziekenhuis in Parijs, de stad waar zijn muzikale carrière tot wasdom kwam. Naarmate zijn succes groter werd, werd Brel door de Fransen meer en meer als een landgenoot gezien. Toch bleef Jacques Brel vooral ook een Belg, en misschien ook wel een Vlaming – zijn ouders waren tenslotte van Vlaamse afkomst. Thijs Delrue – broer van Yevgueni-zanger Klaas Delrue en zoon van Brel-kenner Dries Delrue – ging op zoek naar alle facetten van het Belgische gehalte van Brel.

In het openingshoofdstuk De wortels wordt de stamboom van de familie Brel uit de doeken gedaan. Mooi om te te weten uit welk milieu Jacques Brel is voortgekomen, maar stukken interessanter wordt het als hij wordt getypeerd aan de hand van zijn liedjes. Een grote mate van rusteloosheid komt uit zijn liederen naar voren. Zoals bijvoorbeeld in Les Bourgeois, het lied over burgerlijkheid dat stamt uit 1962. In zijn meest rebelse jaren beschouwt Brel zijn eigen afkomst en denkt hij na over zijn eigen richting. Uiteindelijk kiest hij niet voor het traditionele gezinsleven en duwt hij flink tegen heel wat heilige huisjes. In Ces gens-la (1965) maakt Brel korte metten met prestige en uiterlijk vertoon. Toch is Brel ook niet vrij van traditionele waarden.

Mon enfance (1967) is een uiterst somber beeld van zijn kindertijd. Zijn vroege jaren omvatten ook de Tweede Wereldoorlog, waarover hij in 1977 het Lied Mai 40 schreef, met beelden van vertrekkende treinen met soldaten en huilende vrouwen.

Brussel is een belangrijk IJkpunt (Brel werd geboren in de Brusselse wijk Schaarbeek); er werd een apart hoofdstuk aan besteed.
Natuurlijk konden het vlakke land en de Belgische kust niet buiten beschouwing worden gelaten. En onvermijdelijk ook de moeizame relatie die Jacques Brel met de Vlamingen onderhield. Spot en belediging aan de ene kant en een diepe liefde aan de andere.

Allemaal boeiend verteld en met vlotte pen geschreven, doorspekt met een veelheid aan anekdotes die het leesplezier vergroten. Die kleine driehonderd pagina’s laten zich gemakkelijk consumeren.