Trio Dag – Secanja / Kladivo Konji in Voda – Vidov ples

 trio dag  

Trio Dag
Secanja
(
Atlantide 07 / Clear spot)

Kladivo Konji in Voda
Vidov ples
(
Dezela / Clear Spot)

Van volksmuziek uit voormalig Joegoslavië weten we niet veel. Ja, we kennen de Slavische  en Macedonische dansen die door hele volksstammen volksdansend Nederland op het repertoire werden gezet. Maar wat weten we van de – destijds – eigentijdse folkmuziek? Niets, op druppelsgewijs doorkomende melodieën na, uitgevoerd door een enkele westerse folkgroep. Zouden er toen niet buiten de geijkte paden tredende muzikanten zijn geweest, die minder vasthielden aan het traditionele concept? Zonder twijfel, maar daarvan bereikte weinig tot niets deze contreien. Twee heruitgaven, zowel of cd als vinyl, bewijzen dat er wel degelijk eigentijdse folk ontstond. Trio Dag’s Secanja werd oorspronkelijk in 1974 uitgegeven en druipt van de Westcoast hippie invloeden. Met name de kenmerkende meerstemmige zang, maar ook de liedstructuur. Heel toegankelijk: vlotte, opgewekte melodie, coupletje, refreintje. Het drietal bespeelt voornamelijk akoestische gitaar, mondharmonica en op een enkele track elektrische gitaar. Dat is de basis voor de meeste songs, maar er is regelmatig aanvulling door gastmusici op orgel, percussie en drums, elektrische gitaar, mandoline, viool, sitar en vooral dat kennelijk niet te missen hemelse gedwarsfluit… Desondanks is de muziek afwisselend. Zo heeft Ljubav een sfeer die direct doet denken aan de zwoele Latin muziek van Astrid Gilberto. Tragovo u pesku is voor mij een sleutelnummer (video). Hierin zijn de invloeden van de Westcoast folkpoprock duidelijk te horen. Het begint als een The Mama’s & The Papa’s song, inclusief dat lekkere zeventiger jaren orgeltje, maar ontwikkelt zich tot een psychedelische rocksong door de lekkere elektrische gitaarpartijen op het eind. Dat instrument zorgt voor de nodige pit, waarbij een referentie aan Canned Heat zich opdringt.

vidow ples  

Vidow ples van de vijfpersoonsformatie Kladivo Knoji in Voda stamt uit begin jaren tachtig van de vorige eeuw. Ook hier speelt de akoestische gitaar, bespeelt door vier leden van de formatie, een hoofdrol. Het geheel wordt aangevuld met viool, mandoline, percussie en bas. Belangrijkste instrumenten van gastmusici zijn basgitaar, synthesizer en klarinet. Kladivo Knoji in Voda wordt geafficheerd als acidfolk. Ik bestempel het meer als balladfolk, met uitzondering van een aantal tracks, zoals openingstrack Razmisljanja dat in de verte iets van Spirogyra heeft. Vooral violist Augustin Penic is daar verantwoordelijk voor. Zijn spel en geluid komen overeen met dat van Spirogyra violist Julian Cusack, inclusief de nagalm op het instrument. De samenzang, met leadvocaliste Damjana Golovsek, doet erg sterk denken aan formaties als Peter, Paul & Mary of zelfs aan het Britse Prelude. Vecerna poskocnica is een knap voorbeeld van hoe folkrock , gebaseerd op regionale stijlen, geklonken kon hebben. De wat meer gearrangeerde songs hebben iets gemeen met de eerste twee albums van Kolinda, maar aan die kwaliteit kan Kladivo Knoji in Voda toch niet tippen. De veertien, soms erg korte songs, zijn aandoenlijk en hier en daar springt een vonkje over. Toch is Kladivo Knoji in Voda niet een groep waar ik verder in zal grasduinen, al is Vidow ples een leuke plaat om af en toe eens op te zetten.